Een veilige werkomgeving is in iedere branche belangrijk, maar in de elektrotechniek essentieel. Elektriciteit hoor je niet, zie je niet, ruik je niet en het gevaar kan in potentie levensbedreigend zijn. Dat maakt dat veilig werken een serieus aandachtspunt is binnen Elektro Groeneweg.
‘Wanneer je werkt met elektriciteit moet je gewoon geen risico’s nemen’, aldus Mertcan Akpinar. Als monteur van Elektro Groeneweg inspecteert en herstelt hij apparatuur en installaties bij klanten thuis en maakt deze gebruiksklaar. ‘Ik los bijvoorbeeld problemen met intercomsystemen op. De ene keer is de oorzaak een loszittend draadje en de andere keer is het schakelmateriaal niet goed en dat vervang ik dan.’
Het is technisch werk, maar ook met een sociale component. ‘Achter iedere voordeur zitten verhalen. Je moet zeker wel sociaal zijn om dit werk te kunnen doen’, vertelt hij. ‘Heel vaak krijg ik bij binnenkomst de vraag: Zou je het erg vinden om je schoenen uit te doen? Maar mijn werkschoenen gaan niet uit, veiligheid boven alles.’
Verstandig werken
In Nederland is het veilig werken aan en met elektrotechnische installaties geregeld in artikelen 3.4 en 3.5 van Arbowet en Arbobesluit. NEN 3140 is de Nederlandse norm die invulling geeft aan de wettelijke plichten die uit deze Arbowetgeving voortvloeien. Veilig werken vraagt om verstandige werkwijzen. ‘Vanuit de veiligheidswerkinstructies van Elektro Groeneweg is het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s), zoals bescherming voor je voeten, ons heel streng meegegeven’, zegt hij ter illustratie. ‘Net als spanningloos werken. Dat is echt de norm.’
Even snel werken geldt niet als een legitieme reden om onder spanning te werken, benadrukt Mertcan. ‘Ik ga ook altijd eerst naar de groepenkast om alle groepen uit te zetten. Dus niet eentje. Want het kan namelijk zo zijn dat er iets verkeerd in de groepenlijst is aangegeven. Ook is er altijd kans op gevolgschade, bijvoorbeeld wanneer je op een ladder staat.’ Het beste is een LOTOTO-procedure uit te voeren. Dit staat voor Lock Out – Tag Out – Try Out. Je zorgt er dan voor dat een machine of installatie helemaal uit staat en niet meer kan worden opgestart voordat het werk helemaal klaar is.
Juiste papieren
Wie werkt aan elektrotechnische installaties moet verstand van zaken hebben. Niet alleen van de installaties zelf, maar vooral ook van veiligheid en risico’s. Het begint met het volgen van de juiste opleidingen en het behalen van de juiste papieren. Mertcan: ‘Als je iets in de bouw wil doen, wordt een VCA-certificaat geëist. Zonder kun je niet eens stage lopen. Wanneer je een VCA-opleiding hebt gevolgd en je het VCA-examen positief hebt afgerond voldoe je ook aan wat de arbowet van je eist. Eigenlijk is Basis-VCA genoeg, maar ik heb VOL-VCA.’
De monteur volgt momenteel een leerwerktraject. ‘Voorheen deed ik een juridische opleiding; ik was juridisch adviseur. Maar dat bleek toch niks voor mij. Ik vind het leuker om met mijn handen te werken. Toen ben ik een BBL-opleiding gaan doen. Vorig jaar ben ik begonnen en sindsdien gaat het supergoed!’
Mertcan heeft ervoor gekozen om twee avonden per week naar school te gaan en vijf dagen in de week te werken. ‘Voor de BBL’ers in het bedrijf verzorgt Elektro Groeneweg wekelijks een les beroepspraktijkvorming. Hiervoor is ook een speciale kamer ingericht op kantoor.’
Goede voorbereiding
Scherp blijven. Daar draait het vooral om bij veilig werken, aldus Mertcan. Maar ook de wijsheid ‘een goede voorbereiding is het halve werk’ geldt voor de klussen die hij en zijn collega-monteurs aangaan. Zeker als het gaat om het werken in een omgeving met verhoogd risico, zoals een nauwe geleidende ruimte. ‘Een goede instructie, de juiste materialen, geschikte en goedgekeurde gereedschappen, passend veilige meetapparatuur en beschermingsmiddelen zijn absoluut een must.’
Veilig werken is niet alleen verplicht, maar volgens Mertcan bij Elektro Groeneweg ook vanzelfsprekend. ‘Tijdens vergaderingen praten we over hoe veilig wordt gewerkt en wat beter kan in het kader veiligheidsbewustzijn op de werkvloer. Er heerst een open cultuur waar mensen zich vrij voelen om het gesprek aan te gaan. Iedereen kent elkaar; we zijn net een grote familie. En ik ben heel blij daar deel van te mogen uitmaken.’